Korte verhalen

Zet ook uw verhalen op 1001KorteVerhalen.nl

Heeft u nog geen account? Meld u gratis aan!

Print dit gedicht

onverwacht part 6

‘Mag ik even jullie aandacht.’ Niemand luistert als Meneer Brooks voor de klas gaat staan. ‘Ik heb slecht nieuws jongens. Jullie hebben vast wel gemerkt dat Roza al een paar dagen niet meer op school is. Hm, hoe moet ik dit zeggen? Nou ja, ...Roza wordt vermist.’ Nu wordt er wel geluisterd. ‘Ze kwam Maandag na school niet thuis en toen hebben haar ouders haar als vermist opgegeven.’ Er wordt gefluisterd. ‘De politie gaat er van uit dat ze is weggelopen. En over een paar dagen weer terug zal komen.’ Een schreeuw om aandacht dus. Typisch Roza weer hoor. ‘Maar ze kunnen natuurlijk geen risico’s nemen. E wordt naar haar gezocht en jullie zullen straks verhoord worden.’ Er wordt nu harder gepraat. Stemmen zeggen dat ze onschuldig zijn. Andere zeggen dat ze het zielig voor haar vinden. Olivier zit ongeïnteresseerd naar buiten te kijken. Waar een musje lijkt te verbranden in de zon.
‘Hé, heb je het niet gehoord?’ vraag ik. Ik weet niet waar die jongen zit met zijn gedachtes, niet hier tenminste.
‘wat?’ hij kijkt verstrooid.
‘Roza,ze is verdwenen. Weg, gone, foetsie!’ ik zeg het met wilde armgebaren.
Olivier grijnst ‘Ze zal wel weer op komen dagen en wat maakt het uit eigenlijk’
‘Niks, ik wilde je alleen even het grote nieuw vertellen, je was zo ver weg.’
‘Oh ja, wat dingen thuis. Maak je er maar niet druk over.’ Hij knipoogt.
‘Oké.’
‘Nee, ik ken je een beetje en ik weet dat als ik dat zeg je jezelf er juist wel druk over gaat lopen maken.’
‘Ja.’ helemaal waar.
‘Niet doen. Nergens voor nodig.’
‘Oké.’
‘Echt niet.’
‘Ja, oké. Heb je vanmiddag iets te doen?’ van onderwerp veranderen. Trapt hij altijd in.
‘Nee, wat gaan we doen?’
‘Zullen we naar jouw toe gaan??’
‘Oké’ hij twijfelt.

‘Wat zou jij later willen worden?’ vraagt Olivier als we na schooltijd bij hem in zijn kamer zitten.
‘Dat weet ik eigenlijk niet, jij?’
We zitten op de bank, bij het raam. Buiten regent het anders hadden we nu in het parkje gezeten, waar Olivier me probeerde te zoenen en ik het perse moest verpesten.
Hij pakt mijn hand, kust één voor één mijn vingers en kijkt naar mijn nagels die ik gisteren knalgeel heb gelakt.
‘Later wil ik natuurlijk jouw man worden.’
Ik lach maar stop als ik merk dat hij het serieus meent.
‘Oh, oké.’ zeg ik en lach zenuwachtig.
Hij is de eerste die probeert de spanning te verbreken. Door te vragen ‘Wat zou je graag nog willen doen voordat het niet meer kan?’
Buiten wordt het steeds donkerder en de enige spaarlamp in de kamer begint te knipperen.
‘Ik zou wel een filmscript willen schrijven.’zeg ik.
‘Wat voor film dan?’ vraagt Olivier.
‘Een romantische film, denk ik.’
Hij lacht verleidelijk naar me terwijl hij zegt ‘Goede keuze, zo’n één met een zoen scène en dat soort dingen?’
‘En dat soort dingen?’ Ik kijk hem verbaasd aan, maar weet natuurlijk wel wat hij bedoelt.
Buiten is het bijna helemaal donker geworden, het verbaasd me hoe snel dat is gegaan.
‘Ja, en dat soort dingen, je weet wel.’ Oliviers ogen twinkelen.
‘Nou dat wordt moeilijk want ik heb nog nooit gezoend, of dat soort dingen.’ zeg ik een beetje verlegen.
‘Daar wil ik je wel bij helpen, als je wilt?’
Het licht gaat nu snel achter elkaar aan en uit. Het is net alsof iemand in het donker foto’s maakt met de flitser aan. Ik vind het irritant maar Olivier lijkt het niet te merken.
‘Ik kan inderdaad wel wat hulp gebruiken.’ zeg ik met een glimlach.
Langzaam komt Olivier naar me toe, alsof ik een serie foto’s bekijk. Klik, klik, klik, klik. Op de laatste foto buigt hij naar me toe en kust me. Heel voorzichtig, hij denkt vast dat ik weer zal vallen. Maar dit keer gebeurt dat gelukkig niet.
Ik schrik van het geluid van gras dat breekt.
Olivier staat geschrokken op en ik hoor hem binnensmonds vloeken. Tegen mij zegt hij ‘Wacht even, ik ben zo terug.’
‘Oké’ zeg ik en hij rent snel naar beneden.
Misschien is er wel een ruitje ingegooid, denk ik terwijl ik Oliviers kamer rond kijk. Ik heb echt geen idee hoe hij zijn kamer zo netjes houd. Die van mij is net een vuilnisbelt.
Ik schrik als het licht uitvalt en opeens in een donkere kamer zit waar ik de weg niet goed ken. Misschien is er ergens een zaklamp. Wacht, ik weet het al. Hij leest veel dus er zal er vast wel eentje naast zijn bed liggen.
Voorzichtig kruip ik naar Oliviers bed, bang om ergens tegen aan te botsen. Onder zijn bed vind ik een plastic tas waar een paar schoenen in zitten. Vreemd wie legt z’n schoenen nou onder z’n bed. Ik zoek verder en vind de zaklamp.
Snel klik ik hem aan. Het felle licht schijnt recht op de bruine snikkers in de plastic tas. Ik schuif hem terug onder het bed en loop met de zaklamp naar het lichtknopje. Het licht gaat niet meer aan. De tv doet het ook niet dus de stroom zal wel uitgevallen zijn.
Olivier is nog niet terug gekomen en ik heb geen geduld, dus ik besluit om hem te gaan zoeken. Met de zaklamp loop ik stilletjes de trap af. In het huis is het zo stil dat ik bijna zou gaan denken dat ik de enige hier ben.
Dan hoor ik een stem zeggen ‘Laat me nou gaan. Het spijt me, dat heb ik toch al gezegd!’
‘Dat had je dan eerder moeten bedenken, nu is het te laat.’ zegt Olivier boos.
Zou er iemand hebben ingebroken hebben? Vraag ik mezelf af. Langzaam, alsof ik ieder moment betrapt kan worden, loop ik op de stemmen af.
‘Ik wist niet dat ik Sarah pijn deed.’
Wacht is dat Roos? Wat doet Roos hier bij Olivier?
‘Nou je hebt het wel gedaan en daar zal je voor moeten boeten.’ Wil Olivier haar iets aandoen? Maar waarom? Ik weet doet ze hele stomme dingen kan zeggen, maar dit gaat iets te ver. Heeft Olivier Roos ontvoerd?
Dan denk ik aan de bruine snikkers. Daar had die politieagent het ook al over. Hij heeft het dus gedaan.
Zo stil mogelijk haal ik m’n mobieltje uit mijn broekzak en bel 112. Een vrouw vraagt wat er aan de hand is en ik leg het haar zo snel mogelijk uit. Ze vraagt om het adres en zegt dat de politie er zo snel mogelijk is.
Olivier en Roos zijn nog steeds aan het praten, maar nu zo zachtjes dat ik ze niet meer kan horen. Ik loop naar de stemmen toe. Voor de kelderdeur blijf ik staan. Hij staat op een kier en ik kan nu goed horen wat ze zeggen.
‘Laat je niet meer horen. Als je dat wel doet kom ik terug.’ zegt Olivier.
‘Oké, maar waarneer laat je me weer vrij?’ vraagt Roza wanhopig.
‘Wie zegt dat ik je ooit vrij laat. Nu kan je Sarah tenminste niks doen.’
‘Er komt echt wel iemand achter, hoor.’
‘Zou je denken, joh. Niet als het aan mij ligt.’ zegt Olivier boos.
‘Wel als het aan mij ligt.’ Ik gooi de deur open n stap naar binnen.
Olivier kijkt geschrokken en Roza verbaasd. Haar voeten en polsen zijn aan elkaar vast gebonden met een dik touw en ze zit in een hoek van de kelder bij een klein raampje. Tenminste het was een raampje, glasscherven liggen om haar heen en er zitten kleine sneetjes in haar rechter hand en arm.
Ze wilde dus ontsnappen. Niet gek natuurlijk.
‘Sarah, wat doe jij hier?’ vraagt Olivier.
‘Wat doet Roos hier, Olivier? Wat heb je met haar gedaan?’ vraag ik.
‘Ik heb haar hier verstopt zodat ze jouw niks meer kan doen.’
‘Waarom.’
‘Omdat ik van je hou.’ zegt hij en lacht zijn vertrouwde lach. Maar daar trap ik nu niet meer in.
‘Laat haar nu maar vrij.’
‘Hou je soms niet van mij?!’
‘Nee niet zoals je nu bent. Ik heb de politie al gebeld.’
‘Wat!?’Hij loopt langzaam op me af.
‘Niet verder komen!’ zeg ik. Ik pak snel een vaas van een plank aan de muur, en houd hem voor me.
‘Sarah, doe niet zo, ik kan alles uitleggen. Echt waar!!’ Zijn blik staat ongerust.
Hij loopt rustig op me af en ik sta klem tussen hem en de muur. Achter Olivier fluistert Roza dat ik moet gooien. Snel, voordat Olivier door heeft wat er aan de hand is, gooi ik de vaas naar zijn hoofd. Olivier valt bewusteloos op de grond.
Snel loop ik naar Roza toe en maak haar los, ze huilt. ‘Het spijt me.’ zegt ze.
‘Maakt niet uit.’ zeg ik.
‘Het maakt wel uit, ik was verschrikkelijk tegen je.’
‘Ja, maar dit had je natuurlijk ook niet zien aankomen, hè?’
‘Nee en ik was jaloers op je. Daarom deed ik zo stom tegen je.’
Ik kijk haar verbaad aan. Het ziet er vast grappig uit want op Roza’s gezicht verschijnt een klein lachje.
‘Waarom zou je jaloers op mij zijn?’
‘Omdat Olivier jou leuk vind, of vond, en je veel leuker bent dan mij.’
‘Dankjewel.’ zeg ik en lach naar haar.
We zijn een tijdje stil tot Roza opeens gaat gillen. Ze staart naar een punt achter me, snel kijk ik om. Olivier, hij is verdwenen. Hij lag er net nog.
In de verte horen we de sirene van een politieauto steeds dichterbij komen.

Toevoegen aan favorieten

Ingezonden door

merel14

Geplaatst op

01-12-2012

Geef uw waardering

Er is 4 keer gestemd.

Social Media

Tags

Ontvoerig Onverwacht

Reacties op ‘onverwacht part 6’

Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit verhaal, een reactie plaatsen kan hieronder!

Reageren

We gebruiken uw gegevens alleen om te reageren op uw bericht. Meer info leest u in onze Privacy & Cookie Policy.

Wilt u direct kunnen reageren zonder elke keer naam en e-mailadres in te voeren? Meld u hier aan voor een account!

Laatste nieuwsberichten

  • 24-04 - Die keer dat mijn klimvakantie met de au...

    Nu klim ik al enige tijd, maar aangezien ik in een land woon waarin de Utrechtse heuvelrug zo ongeveer de meest indrukwekkende ‘berg’ is die we hebben, heb ik weinig meer van g...

  • 17-10 - 1001KorteVerhalen.nl online!

    In navolging van 1001Gedichten.nl hebben we een nieuwe website opgezet speciaal voor Korte Verhalen. Meld je aan en plaats nu je verhalen.

Bekijk oudere nieuwsberichten »