Korte verhalen

Zet ook uw verhalen op 1001KorteVerhalen.nl

Heeft u nog geen account? Meld u gratis aan!

Print dit gedicht

De Appelboom

Lente.

Hij herinnerde zich de oude appelboom die ooit zijn ouderlijk huis overvleugelde. Hij leek ontkiemd te zijn in het begin der tijden, een wijsheid met zich meebrengend die je ziel tot rust bracht. Hij dacht aan de lente, wanneer de bloesems de bladeren een verwarmende kleur gaven.

-"Wil je later met me trouwen?" flapte ze er plots uit.
Zijn wangen kregen een rode gloed en hij besloot maar niet te antwoorden. Zachtjes stootte hij zijn benen naar voor om de schommel meer snelheid te geven.
-"Hey, ik vroeg iets hoor jongen."
-"Ja euhm, weet ik veel, dat is nog een hele tijd."
Het kleine meisje sprong van de schommel en huppelde met een lichte tred naar een laaghangende tak. Hij zag hoe ze even bleef staan en met de handen op de rug naar hem toe kwam gestapt. Een zachte bries streek door haar golvende haren, een licht kleedje omhelsde haar tengere lijfje.
Hij schuifelde onzeker met zijn voeten terwijl haar groene ogen hem doordringend aankeken.
-"Wil je nu, meteen, nu, op dit moment, nu met me trouwen?"
Met een liefdevolle, kindse glimlach opende ze haar handen voor zich uit. Een bloesem verscheen, blakend van schoonheid, haar onschuld weerspiegelend. Er vormden zich twee kuiltjes in zijn wangen:
-"Ja."

Zomer.

Met een lichte frons tilde hij zijn loodzware oogleden op en zag een vage schim aan de voet van zijn bed, wetend dat het alleen zij kon zijn. Tevergeefs probeerde hij haar weer voor de geest te halen.

'Wat is ze mooi.' Hij kon niets anders denken. Haar kastanjebruine haren, haar ogen die als twee groene spiegels het licht van de warme zomerzon in haar ziel toelieten. 'Wat is ze mooi.'
Ze glimlachte.
-"Ik ben zwanger."
-"Wat?"
-"Het is eindelijk zover!"
-"Wat?"
Ze barstte in tranen uit en stortte zich op hem. Hij lachte en drukte haar tegen zich aan.
-"Het is van ons, we krijgen een kindje!"
Ze was door het dolle heen. Haar handen trilden terwijl ze hem overal in het gezicht kuste. Hij voelde haar geluk, stromend naar zijn hart terwijl de fiere appelboom zich boven hen uitstrekte, zich ontfermend over ontelbare, kleine rode vruchten.

Herfst.

Ononderbroken trachtte hij haar te zien, te herkennen maar ze bleef een vage schim in een pijnlijke verte. Telkens opnieuw bundelde hij al zijn krachten om woorden van spijt uit te drukken maar zijn mond bleef gesloten. De ziekte had de controle over zijn lichaam overgenomen.

Hij wist wat er zich in haar afspeelde. Het was de tweede keer dat een deel van haar ziel was afgescheurd in het ziekenhuis.
"Mevrouw ik heb vreselijk nieuws."
De woorden klonken hol, betekenisloos, maar braken haar. Het was haar niet gegeven haar groene schitteringen voort te schenken. Hij wist wat er zou komen maar zijn geest was te fel verzwakt om dit te verhinderen. Hij merkte hoe de vlam in haar hart was uitgedoofd. Ze keek hem diep in de ogen. Een vlaag van eenzaamheid en kwetsbaarheid doordrong zijn ziel.
"Ik kan dit niet meer, al het goede is verdwenen."
Ze zei het op een snijdend neutrale toon, die genadeloos zijn tong afsnoerde. Ze stond op en liep weg. Hij zag hoe het laatste blaadje van de kalende appelboom de moed opgaf en bang naar beneden dwarrelde, waar het plaats vond op haar schokkende schouders.

Winter.

Hij voelde het onvermijdelijke door zijn lichaam zinderen. Zelfs de pijn die hem altijd gezelschap had gehouden liet hem genadeloos in de steek. Met zijn laatste krachten opende hij moeizaam zijn ogen. Vlak boven zich zag hij twee groene sterren, schitterend als weleer, die hem fluisterend een goede reis toewensten.

-"Wat moest je me nu zo nodig vertellen?" Ze zei het op een geërgerde toon en even twijfelde hij of dit wel de juiste keuze was.
-"Wel euh, hoe moet ik het zeggen."
-"Ja schiet wel op, ik heb het behoorlijk koud."
-"Ik ga dood."
-"Wat? Wat bedoel je?"
-"Ik heb longkanker."
Haar gezicht vertrok, een donkere schaduw wierp zich over haar gezicht.
-"En dit is hoe je me dit vertelt?"
-"Ja, euh..."
-"Waarom doe je dit? Er is geen wij meer. Waarom doe je me dit aan? Laat me met rust!".
Er liep een traan over haar koude wang terwijl ze wegrende. Het was onmogelijk te vatten voor hem wat er zich net had afgespeeld. Zijn laatste hoop was haar liefde geweest. De meedogenloze winter had alle kleur weggenomen. De appelboom was verdwenen onder een laag van witte weemoed.
Moegestreden nam hij afscheid van zijn oude vriend.

Toevoegen aan favorieten

Ingezonden door

Louis le Soir

Geplaatst op

22-08-2013

Over dit verhaal

Het verhaal is geschreven dankzij een speciale leerkracht Nederlands.

Geef uw waardering

Er is 7 keer gestemd.

Social Media

Tags

Liefde Seizoenen Sterfelijkheid Ziekte

Reacties op ‘De Appelboom’

Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit verhaal, een reactie plaatsen kan hieronder!

Reageren

We gebruiken uw gegevens alleen om te reageren op uw bericht. Meer info leest u in onze Privacy & Cookie Policy.

Wilt u direct kunnen reageren zonder elke keer naam en e-mailadres in te voeren? Meld u hier aan voor een account!

Laatste nieuwsberichten

  • 13-05 - Ik wilde op vakantie: ideeën om te besp...

    Ik wilde op vakantie: ideeën om te besparen Ik ben al twee jaar student en weet inmiddels dat ik goed op mijn uitgaven moet letten. Niet alles kan in financieel opzicht. So...

  • 06-05 - Reis naar Zuid-Amerika; geweldig ervarin...

    Ik zag mezelf daar al zitten: op het witte strand van een bountyeiland, de zandkorrels kietelig tussen mijn tenen schurend terwijl ik kleine maar frequente nipjes van een Nicaragua...

Bekijk oudere nieuwsberichten »