Korte verhalen

Zet ook uw verhalen op 1001KorteVerhalen.nl

Heeft u nog geen account? Meld u gratis aan!

Print dit gedicht

De Klas van Daniël H 16: De andere wereld boven in de wolken

'Laten we allemaal in ons fort gaan zitten en dan een tijdje heel stil zijn om vervolgens te kijken wat voor dieren er allemaal te voorschijn komen,' stelt Daniël voor. Plotseling gebeurt er iets...
'Kijk, daar tussen die takken, een ongelooflijk fel licht!!!' schreeuwt Jayden.
Niet veel later wordt de hele groep omringd door het licht, en alles verandert om hen heen.
'Kijk, daar staat iemand!' roept Bram. Iedereen kijkt de kant van Bram op en ze vragen hem: 'Wie is het?'
'Zien jullie hem niet? Hij staat daar,' roept Bram terwijl hij naar de gestalte wijst.
'Ik zie niks,' zegt Tim.
'Ik ook niet,' zegt Sem.
Daniël loopt naar de persoon toe. Hij kijkt hem aan en roept: 'ARCHON!'
'Dag Daniël,' begroet Archon. Opeens wordt hij ook zichtbaar voor de anderen.
Archon treedt naar voren en neemt het woord: 'Dag, pakken jullie elkaars hand maar vast, dan gaan we snel naar een ander land.'
'Naar welk land?' vraagt Bram benieuwd.
'Naar een land dat boven ligt,' antwoordt Archon.
'Een land dat boven ons ligt???' vragen ze verbaasd. Ze pakken elkaars handen vast en langzaam stijgen ze op. Ze stijgen hoe langer hoe verder de lucht in.
'Kijk hoe alles klein wordt,' roept Tim.
'Stil, ik heb hoogtevrees,' roept Luuk. Dan gaan ze door de wolken verder omhoog, en niet veel later zijn ze in een onbeschrijfelijk mooi land aangekomen.
'We zijn er. Welkom in Bloemenland,' zegt Archon.
Het is onmogelijk om de schoonheid te beschrijven. Niets op aarde kan ermee vergeleken worden. Er is een volkomen rust, een vredelievende omgeving, en ieder van hen voelt van binnen een intens gevoel van blijdschap, al weten ze niet waar dat zo plotseling vandaan komt. Iedereen is sprakeloos.

Vol van verbazing kijken ze rond.
'Wat is het hier mooi!' zegt Yan, die als eerste iets durft te zeggen. Ze zijn aangekomen in Bloemenland, maar op een andere plaats dan waar Daniël eerst geweest is.
'Ik heb nog nooit zulke mooie kleuren gezien,' zegt Jayden vol bewondering.
'Het lijkt wel een soort lichtshow, al dat licht, en die bloemen, wat schitterend,' vult Tim aan.
'Deze plek ken ik niet. Archon, waar zijn we?' vraagt Daniël.
'Wat bedoelt Daniël?' vraagt Sem verbaasd aan Liam die naast hem staat. 'Is hij al eerder in dit land geweest?'
'Waar zijn we, en waarom zijn we hier?' vraagt Liam.
'Ik hoef geen uitleg, voor mij is het goed zo,' zegt Lars.
'Ik vind het ook wel best, hier wil ik voor altijd blijven,' zegt Thijs.
'Ik ook,' zegt Milan.
'Ja, ik ook,' zegt de een na de ander.
'Welkom in Bloemenland,' zegt Archon nog een keer.
'Ah, Bloemenland, dat dacht ik al,' zegt Daniël.
'Wat zei je, Daniël? “Dat dacht ik al.” Wat bedoel je daarmee?' vraagt Jayden.
'Welkom terug, Daniël en welkom aan iedereen. Hoe heten jullie?' vraagt Archon, en hij neemt de tijd om ieder even aan te kijken. Ieder zegt op zijn beurt zijn naam, behalve Daniël.
'Mijn naam is dus Archon.'
'Bent u de baas hier?' vraagt Tim.
'Nee, ik ben niet de baas, maar ik mag jullie wel ontvangen uit naam van de Koning. Wij zeggen hier geen baas maar Koning. Willen jullie niet eerst eens even rondkijken?' vraagt Archon.
'Ja graag,' antwoordt Tim.
'Iedereen is vrij om het land even te verkennen en dan gaan we straks weer verder,' deelt Archon mee.
'Wat een mooie bloemen zijn er en ik zie er geen één die verwelkt is!' zegt Liam verbaasd.
'Alles is hier nieuw en het blijft nieuw,' zegt Archon.
'Ook als een bloem al honderd jaar oud is?' vraagt Yan.
'De meeste bloemen zijn veel ouder dan honderd jaar,' antwoordt Archon.
'En als iemand op een bloem trapt en hem kapot maakt, wat gebeurt er dan?' vraagt Bram.
'Dat is heel moeilijk, want deze bloemen zijn ontzettend sterk, maar als ze toch beschadigd raken, dan groeien ze vanzelf weer aan,' antwoordt Archon.
'Kan ik ook naar dat gras daar lopen?' vraagt Thijs terwijl hij naar een mooi groen gazon in de verte wijst.
'Ja hoor, ga je gang,' antwoordt Archon. Thijs loopt erheen.
'Whoo..., wat is het gras zacht en wat heeft het een mooie groene kleur. Het lijkt wel mos, maar toch ook weer anders,' roept Thijs verbaasd uit.
'Het is hier lekker warm trouwens. Is het hier altijd zomer?' vraagt Liam.
'Zo zou je het kunnen zeggen, maar op een andere plaats is er ook sneeuw te vinden,' antwoordt Archon.
'Waar dan?' vraagt Luuk.
'In Sneeuwland,' antwoordt Archon.
'Sneeuwland?' vraagt Liam.
Samuel komt aangerend. Hij is erg sportief. Zijn lievelingsvak is dan ook gymnastiek. Als baby is hij naar Nederland gekomen; en zijn ouders komen uit Suriname.
'Meneer..., meneer,' roept Samuel.
'Hij heet Archon,' fluistert Liam hem toe.
'Meneer Archon, ik heb daar verderop wat vruchten zien hangen, kunnen wij daarvan eten?' vraagt Samuel.
'Ja hoor, ga je gang. Maar straks gaan we gezamelijk nog eten,' antwoordt Archon.

Even later vraagt Lars: 'Uh..., is het een probleem als we daar een heel eind verderop gaan kijken?'
'We gaan zo weer verder,' antwoordt Archon, 'dus blijf maar even hier.'

Niet veel later is iedereen weer bij elkaar.
'Zo, we gaan daarheen,' wijst Archon.
Ze lopen naar een tuin met allemaal verschillende bomen waar fruit aan groeit.
'Hier is allemaal verschillend fruit voor jullie,' zegt Archon.
'Zo'n lekkere banaan heb ik nog nooit gegeten,' roept Lars uit.
'Deze sinaasappel smaakt anders ook verrukkelijk. Dit is echt anders dan ik gewend ben,' zegt Teun.
'Kunnen we zoveel eten als we willen?' vraagt Liam.
'Als je met een hele grote, ronde buik hier verder wilt rondlopen, dan mag dat ja,' antwoordt Archon met een glinstering in zijn ogen. 'Maar wees niet bang, hier kan je niet misselijk worden van te veel eten.'
'Het is waar, ik heb al ontzettend veel gegeten, maar ik heb nog steeds geen buikpijn,' zegt Teun verwonderd.
'Als iedereen klaar is met eten, dan gaan we verder naar een ander land,' zegt Archon.
'Naar welk land?' vraagt Bram.
'Naar Dierenland,' antwoordt Archon.
'Ah, Dierenland,' roept Daniël.

'Pak elkaar allemaal maar weer bij de hand, dan gaan we,' zegt Archon.
'Daniël, ben je daar al geweest?' vraagt Bram belangstellend.
'Ja, het is echt heel mooi daar,' antwoordt Daniël.

Langzaam stijgen ze op. Ze vliegen over de mooiste groene heuvels en passeren de prachtigste velden met bloemen in allerlei kleuren. Dan gaan ze harder en vliegen met een razende vaart over schitterende landschappen. Tijdens deze reis waait er slechts een zachte bries over hen heen.
'Zo, we zijn er. Dit is Dierenrijk!' zegt Archon.
'Dat was beslist de mooiste reis uit mijn leven,' zegt Tim verzekerd. Floris en Milan bevestigen dit.
'Als jullie willen, kunnen jullie een wandeling maken,' zegt Archon.
'Kom, wie het eerst beneden in de rivier is,' roept Liam.
De rivier is van kristalachtig water, zo helder en doorschijnend, dat je helemaal tot op de bodem kunt kijken. Op het water zijn een paar zwanen aan het ronddobberen.
'Zwanen zijn echt mooie, edele dieren,' zegt Lars.

Niet veel later liggen de meesten al in de rivier.
'Zo, je kan in deze rivier gewoon drijven zonder dat je kopje onder gaat,' roept Samuel verwonderd.
'Meen je dat nou?' vraagt Milan verbaasd.
'Als je kopje onder gaat, dan ga je wat meemaken. Probeer maar eens tot de bodem te zwemmen,' zegt Jayden.
Bram komt net aangelopen, Jayden roept hem toe:
'Bram, kom, dan gaan we naar de bodem zwemmen.'
'Voor zover ik weet ben ik nog geen vis,' antwoordt Bram verbaasd.
'Oké, ik ga vast. Kom, Tim!' zegt Jayden. Samen met Tim verdwijnt hij een hele poos onder water.
'Volgens mij is hier iets vreemds aan de hand. Jayden en Tim blijven wel erg lang weg,' zegt Bram tegen Milan. Dan waagt Bram een poging. Langzaam loopt hij naar voren totdat hij helemaal met zijn hoofd onder water is.
'Milan, je kan hier onder water ademen!' roept Bram vol verbazing.
'Jij ook al? Ben je dan ook een vis geworden?' vraagt Milan.
'Nee, ik ben geen vis, maar jij kan het ook, probeer het maar,' zegt Bram. Heel voorzichtig gaat ook Milan kopje onder, en al snel zwemt hij verder naar het diepe.



Bram komt achter hem aan en hij wijst naar Jayden.
De onderwaterwereld is adembenemend mooi. De vissen hebben de prachtigste
kleuren en zijn oneindig veel mooier dan in de tropische oceaan, waar Bram een paar jaar geleden op vakantie is geweest.

Eenmaal terug aan de oever, vraagt Sem aan Tim en de anderen of zij ook helemaal naar de bodem zijn geweest.
'Ja, jullie ook?' vraagt Tim.
'Wij komen net terug,' antwoordt Sem.
'De vissen zijn echt prachtig hier, maar ik heb geen idee hoe ze allemaal heten,' zegt Daniël.
'Zolang er geen piranha's zijn vind ik het best,' zegt Pepijn.
'Ik geloof dat we ons daar niet zo druk over hoeven te maken, alles is hier zo vredelievend,' zegt Tim.

Opeens komt Samuel aangerend.
'We moeten hier weg, vlug...,' schreeuwt Samuel.
'Wat heb jij ineens?' vraagt Bram verbaasd.
'Daar..., daar, pas op! Straks... komt hij... hierheen,' stottert Samuel.
'Wat is er aan de hand?' vraagt Jayden. Pepijn komt er ook aangerend.
'We hebben een krokodil gezien!' hijgt hij.
'Volgens mij waren het er twee,' zegt Samuel.
'Dat kan ik me echt niet voorstellen, hier een krokodil,' zegt Tim.
'Kijk dan, daar is hij. Kom hier, dan kan je hem zien,' zegt Samuel.
Opeens worden Tim, Bram en Jayden erg serieus.
'Het is waar!' zegt Jayden.
'Ik zie hem ook,' zegt Tim.
'We moeten vlug de anderen waarschuwen voordat straks een van ons tussen de tanden van dat beest terecht komt,' zegt Bram.
'En toch kan ik mij dat niet voorstellen, hier op deze zo vredige plaats een krokodil,' zegt Jayden. Daniël komt eraan, samen met Yan.
'Daniël, we hebben een krokodil gezien. Kijk, daar is hij!' roept Samuel.
'Je hoeft niet bang te zijn voor dat beest. De vorige keer dat ik hier was heb ik met zo'n krokodil gestoeid,' zegt Daniël kalm.
'Held!' zegt Samuel.
'Dat valt best mee, hij heeft geen tanden,' zegt Daniël.
'Heeft hij geen tanden?!' vraagt Tim verbaasd.
'Hij heeft geen tanden en ook geen klauwen,' antwoordt Daniël.
'Kom erop af, wie hem het eerst op zijn rug heeft gelegd heeft gewonnen!' roept Jayden terwijl hij al op weg is naar de krokodil.
'Wij wachten hier wel,' roept Samuel.
'Ja, wij rusten eerst nog even wat uit, we komen wat later,' zegt Sem.
'Ik ga alvast,' zegt Bram. Jayden en Bram rennen zo snel als ze kunnen recht op de krokodil af. Yan en Daniël volgen hen op een afstand.

Als ze aankomen zien ze een grote en een kleine krokodil. Bram staat bij de grote krokodil en plotseling roept hij uit: 'Whoo..., dat beest kan praten!'
'Krokodil, jij kan praten!!!' schreeuwt Jayden vol verbazing tegen de kleine krokodil.
'O ja?' vraagt de kleine krokodil.
Tim gaat naar Jayden, die bij de kleine krokodil is. Tim probeert het kleine beest op te pakken, en tot zijn verbazing is het zo mak als een lammetje. Hij zet hem weer neer.
'Krokodil, waarom heb jij eigenlijk geen tanden?' vraagt Tim.
'Wat bedoel je met tanden?' vraagt de kleine krokodil.
'Jij bent een krokodil en jij weet niet wat tanden zijn?' vraagt Tim verbaasd.
'Wat eet jij voor voedsel?' vraagt Jayden.
'Gewoon gras,' antwoordt de kleine krokodil.
'Eet jij dan geen vlees?' vraagt Tim.
'Wat bedoel jij?' vraagt de kleine krokodil.
'Maar hoe eet jij dan eigenlijk als jij geen tanden hebt?' vraagt Jayden.
'Hoe ik eet? Gewoon zo.' De kleine krokodil neemt een hap gras met zijn bek en slikt het gras door.
De grote krokodil komt eraan, en ook Daniël en Yan komen aangelopen. Daniël ziet Jayden en Tim praten met de kleine krokodil, en hij richt zich tot de krokodillen.
'Ik wist niet dat jullie konden praten!' zegt Daniël verbaasd.
'O nee?' zegt de grote krokodil.
'Zeg eens, wat gaan jullie nu doen?' vraagt Daniël.
'Het is nu tijd voor een siësta, een middagslaapje,' antwoordt de kleine krokodil.
'Heb jij vannacht niet goed geslapen dan?' vraagt Tim.
'Dit is om uit te rusten,' antwoordt de kleine krokodil. Het kleine beest loopt weg om een plaats te zoeken voor zijn middagslaapje.
'Weet jij wie wij zijn?' vraagt Bram aan de grote krokodil.
'Nu je het zegt, ik heb jullie nog niet eerder gezien. Maar ik kom wel vaker mensen tegen die ik nog nooit gezien heb,' antwoordt de grote krokodil.
'Hoe oud ben jij?' vraagt Tim.
'In ieder geval 999 jaar,' antwoordt de grote krokodil.
'Hoezo 999?' vraagt Tim.
'Verder dan 999 kan ik niet tellen. Dus toen ben ik opgehouden, maar dat is al heel erg lang geleden,' antwoordt de grote krokodil.
Een tijdje later is iedereen weer bij elkaar.
'Kom, laten we met zijn allen het bos in trekken,' stelt Jayden voor.
'Eens kijken of we daar wat dieren kunnen ontdekken,' zegt Tim.
Ze lopen het bos in. De bomen zijn erg hoog en mooi.
'Wat een groot bos! Als we nog een tijdje doorlopen kunnen we misschien makkelijker verschillende soorten dieren ontdekken,' stelt Bram voor.
'Ik heb al een hert gezien, of iets wat er op lijkt. Kijk daar is hij, daar verderop,' roept Yan.
'Alle dieren lijken wel anders hier,' zegt Tim.
Thijs komt eraan met een soort konijn in zijn handen.
'Kijk, ik heb hier iets wat bijna lijkt op een normaal konijn. Wat een zacht beest,' zegt Thijs.
Iedereen kijkt naar Thijs en naar het beest dat hij in zijn handen heeft.
'Het is echt een schattig beest. Dat zal mijn zusje leuk vinden,' zegt Ruben.
'Mijn jongere zus ook,' zegt Daniël.
'Ik denk dat het uitgesloten is dat wij hem mee naar huis kunnen nemen,' zegt Tim.
'We kunnen het vragen als Archon weer terug is,' stelt Thijs voor.
'We moeten dat niet doen, denk ik. Dat beest kan door elke hond opgegeten worden. Deze beesten hier zijn veel te tam,' zegt Bram.
'Zien jullie daar in de verte dat dier?' vraagt Liam.
'Dat is een groot beest!' zegt Tim. Sem rent erop af.
'Het is een beer!' roept hij. Dan komen de anderen ook naar de beer toegelopen.
'Die ziet er sterk uit,' zegt Jayden.
'Uh..., beer,' vraagt Samuel voorzichtig. De beer kijkt om.
'Wij dachten, misschien dat een beer hier ook kan praten?' vraagt Bram wat ongemakkelijk.
'Praten kan ik wel, alleen met luisteren heb ik wat moeite. Tenminste, als er van die hele lange gesprekken zijn, val ik meestal in slaap,' antwoordt de beer.
'Goed, dan houden we het kort,' zegt Tim.
'We hebben eigenlijk maar een vraag. Het zit namelijk zo, wij hebben niet hier maar in een ander land een fort gemaakt, en wanneer wij weer terug naar ons land gaan, zou jij dan misschien met ons mee willen gaan om ons fort te
verdedigen? Als een beer als jij ons fort bewaakt, dan zijn we vast en zeker veilig,' vraagt Bram.
'Sorry, wat zei jij? Ik ben wat slaperig,' zegt de beer.
'Of jij met ons mee wilt gaan naar een ander land?' vraagt ook Tim nog een keer.
'Ik ben niet zo'n voorstander van verhuizen. Dit bos ken ik. Hier weet ik waar ik honing kan vinden. Als ik naar een ander bos ga, dan moet ik opnieuw alle bomen gaan doorzoeken. Dat is heel veel werk,' antwoordt de beer.

'Mag ik op jouw rug klimmen?' vraagt Bram. Voordat de beer geantwoord heeft, zit Bram al op zijn rug. De beer wekt niet de indruk dat hij merkt dat Bram op zijn rug zit.
'Als jullie het niet erg vinden, dan ga ik beginnen met mijn siësta, ik ben er echt aan toe,' gaapt de beer.

Ze lopen terug naar de plek waar ze het bos ingingen en daar is Archon weer.
In de verte komt ook een ander wezen aan, groot en vol licht. Iedereen kijkt zijn kant op.
'Daar komt Juriël, de prins van Dierenrijk,' deelt Archon mee.
De verschijning van Juriël maakt een enorme indruk op iedereen. Zoveel licht gaat er van hem uit, sereniteit en gezag.
'Dag Daniël, dag jongens,' groet Juriël.
'Ken je hem al?' vraagt Bram met zachte stem aan Daniël.
'Daniël, fijn dat je er weer bent. Ik hoop dat jullie het goed naar jullie zin hebben hier,' zegt Juriël die geïnteresseerd is in de kinderen.
'Dit is echt de meest bijzondere plaats waar ik ooit geweest ben. Zelfs de dieren kunnen hier praten!' antwoordt Tim.
'Maar veel zeggen ze niet,' zegt Bram.
'Voor de dieren is het nu tijd voor de middagrust,' deelt Juriël mee.
'Ah, vandaar! Ik vond ze al zo traag,' zegt Jayden.
'Ze zijn hier wel kalm, dat klopt, maar ze slapen alleen op de rusttijden,' gaat Juriël verder.
'Nu dus?' vraagt Daniël.
'Precies.'
Dan is het voor de groep tijd voor een nieuw avontuur.
'Ik ben blij jullie te ontmoeten, maar jullie reis gaat weer verder,' deelt Juriël mee.
'Waar gaan we dan heen?' vraagt Sem nieuwschierig.
'Jullie gaan zo naar Sneeuwland,' onthult Juriël.
'Naar Sneeuwland?' vraagt Tim.
'Het is het rijk van mijn broer Oriël,' zegt Juriël.
'Hebt u veel broers?' vraagt Yan beleefd.
'Wij zijn met zeven,' antwoordt Juriël.
'En wie is de oudste?' vraagt Yan.
'Wij kijken niet zo zeer naar wie de oudste is, maar er zijn wel verschillende rangen hier,' antwoordt Juriël. 'Iedereen is ingedeeld volgens zijn eigen rang.'
'Hebt u dan de hoogste rang?' vraagt Yan.
'Wij broers hebben dezelfde rang en Michaël is onze leider, maar hij is niet de Koning,' antwoordt Juriël.

'In Sneeuwland zullen jullie een ontmoeting hebben met de Koning,' gaat Juriël verder. 'Hij ziet ernaar uit om jullie te ontmoeten. Veel plezier in Sneeuwland.'
'De Koning is blij om ons te ontmoeten, kent hij ons dan?' vraagt Daniël zichzelf hardop af.
Zo vlug als Juriël kwam, zo vlug is hij ook weer verdwenen.
Ze lopen naar een soort ronde plaat van glas. In het midden ervan is een bol die een laserlicht uitstraalt. Ze moeten allemaal op de glasplaat gaan staan.
'Laat iedereen zijn ogen sluiten,' zegt Archon.

Als iedereen zijn ogen weer open doet, zijn ze in Sneeuwland. Ze zien in de verte een groot, sprookjesachtig kasteel boven op een sneeuwberg.
De groep loopt gelijk richting het kasteel. Na een prachtige wandeling door het bergachtige landschap van sneeuwland, komen ze aan bij het kasteel. Ze lopen door de poorten naar binnen toe.
'Ik zal jullie de kamer laten zien waar jullie warme kleding kunnen aantrekken. Ook is er voor ieder een paar sneeuwschoenen. Maar voordat we weer naar buiten gaan, zullen we eerst een bezoek brengen aan de troonzaal,' zegt Archon.
'Daniël, denk je dat we nu de Koning gaan ontmoeten?' vraagt Tim.
'Geen idee. Vraag maar aan Archon,' antwoordt Daniël.
'Hier kunnen jullie de sneeuwschoenen aantrekken en je omkleden als we terug zijn. We gaan nu eerst naar de troonzaal,' deelt Archon mee.
Ze lopen naar binnen. De troonzaal is magnifiek, de pilaren zijn zeer mooi versierd en ze zijn van een soort ijs of glas of beter gezegd diamant. De hele zaal glinstert en overal is er wel iets moois te zien.
'Wat is het hier prachtig! Op deze plek wil ik wel Kerstmis vieren,' zegt Bram.
'Ik ook, ik zou hier de hele kerstvakantie willen blijven,' zegt Lars.
Dan lopen ze verder richting de troon. Er zit een persoon op de troon die een cape om heeft. Ze lopen verder naar voren en komen bij de prins aan.
'Welkom in Sneeuwland,' begroet de prins de jongens. 'Mijn naam is Oriël.'
Jayden wil een buiging maken.
'Nee, ik ben niet de Koning. Jullie hoeven niet voor mij te buigen,' zegt Oriël beslist.
'Maar als u de Koning niet bent, wie is dan wel de Koning?' vraagt Bram.
'Jullie zullen hem straks ontmoeten,' antwoordt Oriël.
'Uw broer Juriël zei dat de Koning blij was om ons te ontmoeten, maar wij hebben hem nog nooit gezien,' zegt Daniël, nog steeds met een lichte verbazing.
'Daar waar mensen in vriendschap met elkaar leven, daar is hij aanwezig,' zegt Oriël.


'Wat bedoelt Oriël?' wordt er hardop gefluisterd.
'Ik nodig jullie uit om Sneeuwland te gaan verkennen,' deelt Oriël mee.
'Kunnen we hier ook met de slee van de berg afgaan?' vraagt Lars.
'Jullie zullen het wel zien. Zorg dat jullie goed ingepakt zijn, dan zullen jullie het niet koud hebben,' zegt Oriël.
'Bedankt,' zegt Daniël en de anderen met hem.

Buiten praten ze nog wat na over het bezoek aan prins Oriël.
'Ik begreep niets van wat Oriël zei over de Koning,' zegt Sem.
'Ik ook niet, we zullen het straks wel zien als we de Koning gaan ontmoeten. Kom, laten we eerst een slee gaan zoeken,' stelt Lars voor.
'Jullie zullen hier niet alleen zijn,' deelt Archon mee.

Ze lopen een heel eind verder en gaan de top van de berg over. Aan de andere kant zien ze dat het druk is. Het lijkt wel een groot skigebied dat voor hen ligt. Er is van alles, maar vooral de bobsleeën trekken de aandacht van de groep. Ze gaan allemaal op de bobsleeën af. Ze zien dat ze niet de enigen zijn en al snel vinden ze aansluiting bij de bewoners van “Het land boven de wolken”. Deze bewoners zien er allemaal ongeveer even oud uit als zij, het zijn kinderen.
'Hallo, wie ben jij?' vraagt Bram.
'Mijn naam is Mikai,' antwoordt de jongen.
'Waar kom jij vandaan?' vraagt Bram.
'Ik woon hier ver vandaan. In Grampong, die plaats ligt in Bloemenland,' antwoordt Mikai.
'In Bloemenland? Daar zijn wij geweest!' zegt Bram.
'O ja, en waar in Bloemenland?' vraagt Mikai geïnteresseerd.
'Dat weet ik niet,' antwoordt Bram.
'Weet jij hoe groot Bloemenland is?' vraagt Mikai.
'Nee, geen idee,' antwoordt Bram.
'Heel, heel erg groot. Ik woon er al best lang, maar ik heb nog slechts een klein deel gezien. Wil jij samen met mij naar beneden gaan?' vraagt Mikai. 'Er zijn twee plaatsen in de slee.'
'Ja graag,' antwoordt Bram. 'Uh..., Ik zie dat daar Tim, een vriend van mij, klaar staat om naar beneden te gaan, als het zou kunnen zou ik graag eerder dan hij beneden willen zijn.'
'Als jij dat echt wilt, kunnen we dat proberen,' antwoordt Mikai.





Wat verderop is ook Milan kennis aan het maken met een persoon.
'Wie ben jij?' vraagt Milan.
'Mijn naam is Rodeo.'
'En Rodeo, waar woon jij?' vraagt Milan.
'Ik kom uit Slokam, dat ligt in Bergenrijk. Het ligt vrij hoog in de bergen,' antwoordt Rodeo.
'Hebben jullie daar ook sneeuw?' vraagt Milan.
'Bij ons waar ik woon zijn veel ruige rotsachtige bergen, erg mooi maar daar is wat minder sneeuw,' antwoordt Rodeo.

Inmiddels is Bram met zijn nieuwe vriend met een reuzevaart naar beneden aan het afdalen. 'Whooo........ Dit gaat echt HARD... '
'WIL JE WAT ZACHTER?' schreeuwt Mikai.
'....WAT ZEI JE....?' schreeuwt Bram terug. Door de enorme snelheid komen ze als eersten beneden aan.
'We gingen minstens 100 km per uur, als het niet sneller was,' zegt Bram vol enthousiasme.
'We hebben niet zoiets als een kilometerteller op de slee,' zegt Mikai.
'Ah, daar komt Tim en daar Milan,' zegt Bram.
Tim komt ook aangelopen met een nieuwe vriend.
'Tim, dit is Mikai. Hij woont in Bloemenland,' zegt Bram.
'Bram, dit is Jyram. Ik heb jullie zien gaan. Zo, dat ging wel heel erg hard,' zegt Tim.
Dan komt Pepijn eraan. Ook hij heeft vriendschap gesloten en hij stelt zijn nieuwe vriend voor: 'Hoi Tim en Bram, dit is Ramet.'
'Wat een aparte namen hebben jullie hier,' zegt Tim.
'Wat bedoel jij?' vraagt Ramet.
Tim wil geen onvriendelijke indruk maken en hij vervolgt: 'Jullie hebben hier andere namen dan waar wij vandaan komen.'
'En waar komen jullie dan vandaan?' vraagt Ramet.
'Van de Aarde,' antwoordt Tim.
Een eindje verderop komen Jayden en Teun eraan.
'Hoi allemaal. Zullen we met zijn allen een wedstrijd doen, wie het eerst beneden is?' stelt Teun voor.
'Ben je niet bang dat je een been breekt, als je met een noodvaart uit die slee valt?' vraagt Milan.
'Niet meer,' antwoordt Teun.
'Waarom niet?' vraagt Bram.
'Je kan hier niks breken. Zelfs als je van een grote hoogte valt gebeurt er niks,' antwoordt Teun beslist.

'Probeer jij het dan eerst maar uit, want ik ben er nog niet zo zeker van,' zegt Milan.
'Sem is net samen met Yan van een grote hoogte gevallen en ze mankeerden helemaal niks, ze konden gewoon weer verder gaan. Kijk, daar heb je ze,' zegt Teun.
Tim roept Yan.
'Yan, hoe is het met je? Teun zei net dat je een aardige smak gemaakt had,' vraagt Tim bezorgd.
'Ja, ik was samen met Sem. We hebben iets te veel risico genomen en toen zijn we uit de bocht gevlogen. We hadden pech, want de slee schoof door en we kregen hem niet meer tot stilstand. We hebben een val van zo'n zeven meter gemaakt,' antwoordt Yan.
'Hoe kan het dan, dat je hier zo staat? Mankeer je niks?' vraagt Tim door.
'Archon zag ons en hij kwam naar ons toe. Nee, zolang we hier zijn kunnen we geen been breken!' antwoordt Yan.
'Dat is fijn om te weten, dan kunnen we nog veel sneller naar beneden gaan,' zegt Tim. Bram, nu we dit weten, ga jij niet meer winnen,' zegt hij uitdagend.
'O nee?' vraagt Bram, terwijl hij de uitdaging aanneemt.
'Leuk, we gaan dus een wedstrijd houden?' vraagt Teun enthousiast.
Iedereen stemt ermee in. Tim vraagt zich af hoe ze weer naar boven kunnen komen. Lopen lijkt hem wel heel erg ver. Hij vraagt of iemand weet hoe ze weer naar boven kunnen gaan.
'Kennen jullie de weg hier niet? Kom dan maar mee,' antwoordt Mikai.
Ze lopen een gebouw binnen en in het gebouw stappen ze in een soort trein. De trein gaat met een razende snelheid naar boven. Ze zijn nog sneller boven dan dat ze erover gedaan hadden om naar beneden te gaan. Boven aangekomen wachten ze op elkaar zodat ze allemaal tegelijk weer naar beneden kunnen gaan. Tim en Jyram hebben de snelste start. Tim zit aan het stuur en probeert iedereen te snel af te zijn door de kortste weg te nemen. Helaas vliegt de slee van Tim en Jyram over een steen, en de slee gaat met een razende vaart onderuit. Ze vallen van een grote helling naar beneden.

Niet veel later is bijna iedereen onderaan de berg aangekomen.
'Bram, ik geloof dat je gewonnen hebt,' zegt Teun.
'Dat interesseert me even niet, weet iemand hoe het met Tim is?' vraagt Bram bezorgd.
'Ik denk dat hij ergens diep in de sneeuwberg zit. Hij ging zo hard...' antwoordt Sem.
Een tijdje later komen de laatsten beneden aan, alleen Tim ontbreekt nog.
'Tim komt er zo aan,' zegt Daniël.
'Hoezo?' vraagt Bram.
'Hij was flink onderuit gegaan zeg! Ik was net bij hem, hij was wat duizelig. Hij doet het wat rustig aan...' deelt Daniël mee.
'Kijk daar komt hij aan, ik zie hem al,' roept Jayden. Langzaam daalt Tim de berg af. Beneden aangekomen komt iedereen om hem en Jyram heen staan.
'Tim, is alles goed?' vraagt Bram bezorgd.
'We waren gevallen, maar nu gaat het wel weer. Sorry, Jyram,' antwoordt Tim.
'Ik had jou ook niet moeten laten sturen, dat was mijn fout, maar misschien waren we ook gevallen als ik had gestuurd,' zegt Jyram.
'Uh..., Jyram heb je nergens last van?' vraagt ook Yan bezorgd.
'Nee hoor, ik heb nu nergens meer last van. Ik kan mij niet herinneren dat ik ooit zo hard van een berg afgegaan ben,' antwoordt hij.

Toevoegen aan favorieten

Ingezonden door

Robin

Geplaatst op

11-11-2018

Over dit verhaal

Een andere wereld boven in de wolken

Geef uw waardering

Er is 0 keer gestemd.

Social Media

Tags

Pesten School Spanning Vriendschap

Reacties op ‘De Klas van Daniël H 16: De andere wereld boven in de wolken’

Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit verhaal, een reactie plaatsen kan hieronder!

Reageren

We gebruiken uw gegevens alleen om te reageren op uw bericht. Meer info leest u in onze Privacy & Cookie Policy.

Wilt u direct kunnen reageren zonder elke keer naam en e-mailadres in te voeren? Meld u hier aan voor een account!

Laatste nieuwsberichten

  • 17-10 - 1001KorteVerhalen.nl online!

    In navolging van 1001Gedichten.nl hebben we een nieuwe website opgezet speciaal voor Korte Verhalen. Meld je aan en plaats nu je verhalen.

Bekijk oudere nieuwsberichten »