Korte verhalen

Zet ook uw verhalen op 1001KorteVerhalen.nl

Heeft u nog geen account? Meld u gratis aan!

Print dit gedicht

De hoofdzaak.

In de duisternis kwam hij aan.
Hij parkeerde zijn auto op een hobbelig paadje en liep zacht naar een al openstaande deur.

De stilte was om te snijden, de duisternis liet hem struikelen over stenen en stukken hout, geen lantaarn in zijn bezit, alleen het licht van de maan dat hem leidde naar weer een deur die half in de sponningen hing.

Verval in het hele huis, doch in de duisternis was dit niet goed te zien. Voorzichtig liep hij met zijn handen vooruit om te voelen waar hij liep naar de trap links.
Hij voelde de leuning en liep voorzichtig de treden op.
Zijn stappen klonken hol en vaag, toen hij boven was en verder liep naar weer een trap aan de andere kant. Het kon niet anders of hij was hier al eerder geweest, anders had hij dit nooit kunnen zien of weten, zo donker was het.
Ergens kraakte wat hout en hij schrok, hield zijn pas en adem in en keek angstig om zich heen.
Al wat hij zag was de duisternis van een brakend huis dat verval als naam had.

Toen hij de tweede trap op was gelopen vond hij de ingang van een kamer, struikelde over een stoel en hij plofte erin om direct als een blok in slaap te vallen.

De ochtend dat hij wakker werd, keek hij om zich heen en besefte bij het wakker worden waar hij was.
Gelukkig dat niemand hier van wist. Water om zich te wassen was er niet, dit was een oud en vervallen pand, verlaten en vernietigd door de jeugd. Een spookhuis haast.

Hij stond op en ging naar zijn auto wat te drinken en te eten pakken uit de tas die altijd wel vol zat met voedsel, want een mens moest eten.
Hij liep de twee trappen weer af en toen hij bij de half uithangende deur kwam schrok hij.
Ineens zag hij de zeis.

Die had hier nooit gestaan! Wie was hier geweest?
Wie had zijn huis betreden zonder toestemming? Was zijn kleding er nog wel dat in het kamertje lag? Dat kamertje dat hij gisteren niet meer haalde zo moe was hij geweest?
Rillingen kropen langs zijn nek, zijn haren op zijn armen gingen rechtop staan, dit was eng en raar.
Wie zet er nou een oude antieke zeis bij een deur?

Was zij teruggekomen? Wat waren haar plannen dan? Zijn hoofd eraf hakken?
Hij moest zelf lachen om dit belachelijke idee, maar niet van harte, want ze waren niet echt als vrienden uiteen gegaan.
Had zij maar niet moeten stelen!

Hij was ondertussen bij zijn auto gekomen, een oude witte brik die de dienst nog bewees dat de auto reed, maar daar was ook alles mee gezegd. Toen hij de deur openmaakte en wat voedsel uit zijn tas pakte nam hij gelijk een grote hamer mee. Die zeis had hem wel degelijk de stuipen op het magere lijf gejaagd.
Gisteravond kon dat ding er ook nog niet gestaan hebben, want hij was tegen die wand aangestruikeld toen hij door de deur wankelde door de duisternis.

Teruglopende naar het brakke huis verbeeldde hij zich dat hij een hand bij de deur zag, maar geen persoon. Begon hij spoken te zien?
Hij begon te beven en versnelde zijn pas, liep naar de deur die al half in de sponning hing en drukte zich ertussen, keek met verbazing naar de plek waar de zeis had gestaan, die was weg!
Ineens werd hij bang, rende de trappen op, hij bleef rennen totdat hij bij zijn slaapkamertje kwam.

Een grote bende van goed en vuil en afval en twee matrassen op de grond, een oude televisie die er voor de sier stond, stroom was er niet en snel plofte hij op een van de vieze matrassen. Hij begon haar te missen, hij begon te trillen en te huilen, zijn angst werd zichtbaar voor de hele wereld. Maar hij kreeg maling aan de hele wereld en zeker aan haar die hem verlaten had.
Had zij maar niet moeten stelen.

Hij pakte het rubberen bandje, knelde zijn bovenader af en terwijl hij de spuit al klaar had liggen klopte hij nog even om de ader omhoog te laten komen zodat de speedbal in een keer goed zou werken. De spuit in zijn rechterhand pakkende stak hij de naald in zijn linkerarm ader.
Voordat hij voelde hoe de vloeistof in zijn lichaam belandde hoorde hij te laat de stem van zijn geliefde.

“Zie je wel dat je nog genoeg speed in je tas had!” En voordat hij zijn hoofd optilde om haar aan te kijken kwam de zeis met een grote haal langs zijn nek.
Zonder enige vorm van emotie pakte zij de spuit en drukte die zonder enige gêne in haar arm, zijn nog rollende hoofd nakijkend.

Een hysterische lach klonk door het oude vervuilde brakke huis.


©leny kruis

Toevoegen aan favorieten

Ingezonden door

Leny Kruis

Geplaatst op

23-10-2015

Over dit verhaal

Zomaar een eng verhaaltje

Geef uw waardering

Er is 6 keer gestemd.

Social Media

Tags

Angst Drugs Mensen Stilte

Reacties op ‘De hoofdzaak.’

Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit verhaal, een reactie plaatsen kan hieronder!

Reageren

We gebruiken uw gegevens alleen om te reageren op uw bericht. Meer info leest u in onze Privacy & Cookie Policy.

Wilt u direct kunnen reageren zonder elke keer naam en e-mailadres in te voeren? Meld u hier aan voor een account!

Laatste nieuwsberichten

  • 17-10 - 1001KorteVerhalen.nl online!

    In navolging van 1001Gedichten.nl hebben we een nieuwe website opgezet speciaal voor Korte Verhalen. Meld je aan en plaats nu je verhalen.

Bekijk oudere nieuwsberichten »