Korte verhalen

Zet ook uw verhalen op 1001KorteVerhalen.nl

Heeft u nog geen account? Meld u gratis aan!

Print dit gedicht

Emma 6/25 Frits en de boekenkast

Emma 6/25 Frits en de boekenkast

De kater van Emma P. was helemaal zwart met blauwe ogen. Het was een vrij grote kater en hij was erg aanhankelijk wanneer je lief tegen hem deed. Als Emma P. op vakantie was, of voor haar werk enkele dagen van huis was, nam ik de verzorging van het harige monster op me. Frits was alleen gediend van gekookte vis en in de middag een plakje boterhamworst. Hij dronk water, wanneer ik wijn dronk, en keek me soms weemoedig aan wanneer zijn echte baasje hem geen aandacht kon geven omdat ze op reis was voor haar werk.

Als ik er de tijd voor had pakte ik een boek uit de grote boekenkast van Emma, en bekeek de kaft om alvast te fantaseren over wat er allemaal in het boek zou worden verteld. Het leek soms net alsof Frits mij met zijn natte kattensnuitje de juiste boeken aanwees. Ik had boeken van Pessoa in mijn handen, een boek van een Griekse dichter, een boek over Griekse kunst, terwijl Frits tegen mijn benen sprong.

Frits ging ook altijd mee naar de wijnkelder. Emma P. had mij de sleutel gegeven, ze was stellig van plan om van mij een echte wijnkenner te maken. Meestal koos ik de fles die Frits mij aanwees met de blik van zijn heldere blauwe ogen. Ik blies het stof van het etiket en nam de fles mee naar de woonkamer, waar op de tafel een kurkentrekker lag. Ik pakte een wijnglas uit de kast en schonk voorzichtig in. Ze had zo'n apparaatje waarmee je de fles weer vacuüm kon krijgen, dus ik hoefde de fles niet in één keer leeg te drinken.

Frits hield me gezelschap en ik genoot van het kostelijke rode vocht, waar volgens Emma P. spirituele krachten in verborgen zaten. Het was net alsof ik de gedichten beter begreep als ik al wat van de zaligmakende wijn gedronken had. Dit effect werd nog sterker door de geur van de geurkaarsen die haar vriendin uit Parijs had mee gebracht.

Emma had me op het hart gedrukt dat ik het altijd bij hoogstens twee glazen moest laten, ze had me een keer dronken meegemaakt en dat was haar niet goed bevallen. Ik hoefde ook niet per se dronken te worden, daar was de wijn te smaakvol voor en het leven in het prachtige huis van Emma te mooi.

Frits en ik konden goed met elkaar opschieten.

Het was vrijdagavond, Emma was al een paar dagen van huis, Frits en ik misten haar enorm, we zaten samen op de bank met op de achtergrond de bluesmuziek van John Lee Hooker.
Ik had een glas rode wijn ingeschonken en had op aanraden van Frits een boek met de gedichten van de in 1935 op zevenenveertigjarige leeftijd overleden Portugese dichter Fernando Pessoa in mijn handen. Hij creëerde drie dichters, en hij schreef gedichten onder zijn eigen naam.

Ik begon te lezen en ik was onmiddellijk gefascineerd. De gedichten waren vertaald in het Nederlands door August Willemsen, maar op de linkerpagina's waren ook de oorspronkelijke verzen in de Portugese taal te lezen. Het viel niet mee om alles te begrijpen, dus ik bladerde voorzichtig verder naar een gedicht met een onderwerp dat ik zou herkennen. Op bladzijde zevenentwintig stond het gedicht Kerstmis, een christelijk feest waar ik vanuit mijn Katholieke achtergrond veel vragen over had. Ik begon te lezen:

Kerstmis

Een god staat op. Anderen sterven. De Waarheid
Is niet gekomen noch gegaan: nieuw is de Dwaling.
Wij hebben nu een andere Eeuwigheid,
En beter waren altijd vroeger jaren.

De blinde Wetenschap ploegt zinloos voort.
't Geloof, waanzinnig, leeft haar droom van cultus.
Een nieuwe god is niet meer dan een woord.
Zoek niet noch geloof: omdat alles verhuld is,

Fernando Pessoa (1922?)

Ik keek Frits veel betekenend in zijn blauwe kattenogen en nam een flinke teug van de wijn.
Even dwaalden er kerstfeesten uit het verleden door mijn hersenhemel, toen keek ik Frits nog eens diep in de ogen en wist ik het zeker. Ik was niet zondig omdat ik buiten mijn schuld was aangerand in het verleden, en ik was ook niet zondig omdat ik er een uitbundig seksleven op na hield met een zestien jaar oudere vrouw, die nota bene mijn hospita was.

Het was niet vreemd dat Emma Petronella en ik niet over onze relatie durfden te praten. De seks was zo Goddelijk, en de lichamelijke aantrekkingskracht zo innig en wellustig, dat het beter was om over een relatie te zwijgen. We zagen elkaar eigenlijk alleen nog maar in bed, en dan hadden we niet veel tijd om naar elkaar te luisteren. We zwegen over wat we deden, maar we deden wel wat we deden, zo dacht ik in mijn fantasiewereld na over mijn liefdesleven.
Een leven dat slechts in mijn fantasie bestond.

Ik miste haar, iedere keer als ze weg was, maar ze zei dat ze geen tijd had om te bellen, dat het haar te veel zou afleiden van haar werk. Ze ging vaak naar Parijs. Ik begreep niet altijd waarom.
Ik legde het Pessoaboek naast de half leeggedronken fles rode wijn en begaf me met spoed naar de badkamer, waar het geurige blauwe badzout uit Parijs klaar lag om mijn lichaam te verwennen.

Toevoegen aan favorieten

Ingezonden door

Bjarne

Geplaatst op

28-03-2018

Geef uw waardering

Er is 0 keer gestemd.

Social Media

Tags

Emma Hospita Liefde

Reacties op ‘Emma 6/25 Frits en de boekenkast’

Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit verhaal, een reactie plaatsen kan hieronder!

Reageren

Ik ga akkoord met de voorwaarden (opent in nieuw venster)

Wilt u direct kunnen reageren zonder elke keer naam en e-mailadres in te voeren? Meld u hier aan voor een account!

Laatste nieuwsberichten

  • 17-10 - 1001KorteVerhalen.nl online!

    In navolging van 1001Gedichten.nl hebben we een nieuwe website opgezet speciaal voor Korte Verhalen. Meld je aan en plaats nu je verhalen.

Bekijk oudere nieuwsberichten »