Korte verhalen

Zet ook uw verhalen op 1001KorteVerhalen.nl

Heeft u nog geen account? Meld u gratis aan!

Print dit gedicht

De kater van Emma Petronella

De kater van Emma P. was helemaal zwart met blauwe ogen. Het was een vrij grote kater en hij was erg aanhankelijk wanneer je lief tegen hem deed. Als Emma P. op vakantie was, of voor haar werk enkele dagen van huis was, nam ik de verzorging van het harige monster op me. Frits was alleen gediend van gekookte vis en in de middag een plakje boterhamworst. Hij dronk water, wanneer ik wijn dronk, en keek me soms weemoedig aan wanneer zijn echte baasje hem geen aandacht kon geven omdat ze op reis was voor haar werk.

Als ik er de tijd voor had pakte ik een boek uit de grote boekenkast van Emma, en bekeek de kaft om alvast te fantaseren over wat er allemaal in het boek zou worden verteld. Het leek soms net alsof Frits mij met zijn natte kattensnuitje de juiste boeken aanwees. Ik had boeken van Pessoa in mijn handen, een boek van een Griekse dichter, een boek over Griekse kunst, terwijl Frits tegen mijn benen sprong.

Frits ging ook altijd mee naar de wijnkelder. Emma P. had mij de sleutel gegeven, ze was stellig van plan om van mij een echte wijnkenner te maken. Meestal koos ik de fles die Frits mij aanwees met de blik van zijn heldere blauwe ogen. Ik blies het stof van het etiket en nam de fles mee naar de woonkamer, waar op de tafel een kurkentrekker lag. Ik pakte een wijnglas uit de kast en schonk voorzichtig in. Ze had zo'n apparaatje waarmee je de fles weer vacuüm kon krijgen, dus ik hoefde de fles niet in één keer leeg te drinken.

Frits hield me gezelschap en ik genoot van het kostelijke rode vocht, waar volgens Emma P. spirituele krachten in verborgen zaten. Het was net alsof ik de gedichten beter begreep als ik al wat van de zaligmakende wijn gedronken had. Dit effect werd nog sterker door de geur van de geurkaarsen die haar vriendin uit Parijs had mee gebracht.

Emma had me op het hart gedrukt dat ik het altijd bij hoogstens twee glazen moest laten, ze had me een keer dronken meegemaakt en dat was haar niet goed bevallen. Ik hoefde ook niet per se dronken te worden, daar was de wijn te smaakvol voor en het leven in het prachtige huis van Emma te mooi.

Frits en ik konden goed met elkaar opschieten.

Het was vrijdagavond, Emma was al een paar dagen van huis, Frits en ik misten haar enorm, we zaten samen op de bank met op de achtergrond de bluesmuziek van John Lee Hooker.
Ik had een glas rode wijn ingeschonken en had op aanraden van Frits een boek met de gedichten van de in 1935 op zevenenveertigjarige leeftijd overleden Portugese dichter Fernando Pessoa in mijn handen. Hij creëerde drie dichters, en hij schreef gedichten onder zijn eigen naam.

Ik begon te lezen en ik was onmiddellijk gefascineerd. De gedichten waren vertaald in het Nederlands door August Willemsen, maar op de linkerpagina's waren ook de oorspronkelijke verzen in de Portugese taal te lezen. Het viel niet mee om alles te begrijpen, dus ik bladerde voorzichtig verder naar een gedicht met een onderwerp dat ik zou herkennen. Op bladzijde zevenentwintig stond het gedicht Kerstmis, een christelijk feest waar ik vanuit mijn Katholieke achtergrond veel vragen over had. Ik begon te lezen:

Kerstmis

Een god staat op. Anderen sterven. De Waarheid
Is niet gekomen noch gegaan: nieuw is de Dwaling.
Wij hebben nu een andere Eeuwigheid,
En beter waren altijd vroeger jaren.

De blinde Wetenschap ploegt zinloos voort.
't Geloof, waanzinnig, leeft haar droom van cultus.
Een nieuwe god is niet meer dan een woord.
Zoek niet noch geloof: omdat alles verhuld is,

Fernando Pessoa (1922?)

Ik keek Frits veel betekenend in zijn blauwe kattenogen en nam een flinke teug van de wijn.
Even dwaalden er kerstfeesten uit het verleden door mijn hersenhemel, toen keek ik Frits nog eens diep in de ogen en wist ik het zeker. Ik was niet zondig omdat ik buiten mijn schuld was aangerand in het verleden, en ik was ook niet zondig omdat ik er een uitbundig seksleven op na hield met een zestien jaar oudere vrouw, die nota bene mijn hospita was.

Het was niet vreemd dat Emma Petronella en ik niet over onze relatie durfden te praten. De seks was zo Goddelijk, en de lichamelijke aantrekkingskracht zo innig en wellustig, dat het beter was om over een relatie te zwijgen. We zagen elkaar eigenlijk alleen nog maar in bed, en dan hadden we niet veel tijd om naar elkaar te luisteren. We zwegen over wat we deden, maar we deden wel wat we deden.

Ik miste haar, iedere keer als ze weg was, maar ze zei dat ze geen tijd had om te bellen, dat het haar te veel zou afleiden van haar werk. Ze ging vaak naar Parijs. Ik begreep niet altijd waarom.
Ik legde het Pessoaboek naast de half leeggedronken fles rode wijn en begaf me met spoed naar de badkamer, waar het geurige blauwe badzout uit Parijs klaar lag om mijn lichaam te verwennen.

Toen ik aan het genieten was in bad dacht ik na over de heteroniemen van Pessoa. Terwijl de zoete geur van het badzout mijn gedachten verder bedwelmde, verzon ik een heteroniem: Hector Havermout, omdat ik vroeger altijd havermout moest eten.
Een paar uur later schreef ik een gedicht:

In je

Kom je in me
vraag je met een eenzame stem
alsof er een muisje
door een sleutelgat
naar binnen moet

ik ben al bij je
zegt het eenzame muisje
door het sleutelgat
alsof hij al helemaal
in je is.


Toen Emma Petronella die vrijdagavond terugkeerde uit Parijs, lag ik met Frits op de bank in de kleinste woonkamer te slapen. Waarschijnlijk wekte dit vertedering op bij mijn beeldschone hospita, want plotseling voelde ik haar vochtige lippen tegen mijn nog half slapende wang. Terwijl mijn ogen naar het licht zochten zag ik haar bij Frits hetzelfde doen. Ze was in het echt veel mooier dan op de schilderijen, ze had een sportief mantelpak aan, met een handtas in dezelfde kleurzetting.

Uit dat handtasje, dat even mijn aandacht trok, haalde ze een vierkant kartonnen doosje met een glimmend mozaïekpatroon op de voorkant. “Kijk eens wat ik voor je heb meegenomen uit Parijs, Bjarne, mannen aftershave!“
Nog voor ik iets terug kon zeggen haalde ze het glazen flesje uit het glimmende doosje en spoot ze met de verstuiver de geurige vloeistof in mijn nek. “Nu hoor je er helemaal bij Bjarne!” zei ze terwijl ze aan haar mantelpak plukte.

Het late zonlicht viel geheimzinnig door de kamer, de schaduw van de boekenkast raakte de vloer naast de bank waarop ik met verbazing naar de verleidelijke Emma Petronella keek. “Ik ben moe van de reis Bjarne, ik ga slapen, ik zie je morgen na je werk, we kunnen samen eten als je het leuk vindt, je moet morgen toch werken?”
“Ja, ik moet morgen weer werken in het tuincentrum Emma, er is een heel gedoe over de verkoop van een onkruidbestrijdingsmiddel. Er komt een actiegroep, ik ben er zelf ook op tegen, maar ik ga daar helaas niet over. Ik werk daar alleen maar om de planten te verzorgen. Was het leuk in Parijs?”
“Ja, het was erg leuk in Parijs Bjarne, je krijgt de groeten van Victoria Martin, tot morgenavond, zullen we om zeven uur hier eten?”
“Ja. Leuk Emma, tot morgen en welterusten.”

Emma knikte en verliet met haar feeërieke bewegingen gracieus de kamer. Ik nam het flesje aftershave uit Parijs in mijn handen en spoot een beetje op mijn kin, waar zich stoppels van drie dagen niet scheren bevonden.

De volgende dag:

De stress op mijn werk in het tuincentrum was meegevallen, na overleg met de actievoerders besloot de baas om het gewraakte onkruidverdelgingsmiddel uit het assortiment te halen. Ik was na mijn werk in bad gegaan om fris voor de dag te komen om zeven uur voor het eten met Emma.

Toen ik om zeven uur de eetkamer binnenging zag ik dat Emma was gekleed in een zonnige zomerjurk. Ze had een schaal met gesneden stokbrood op tafel gezet in een strokleurig mandje, en er stond een bontgekleurde salade in een porseleinen schaal in het midden van de tafel.
“Ik heb Emma Petronella salade gemaakt Bjarne!” zei ze met ondeugende ironie in haar stem. Ik keek belangstellend naar de door Emma Petronella gemaakte salade.
“Wil je een glaasje witte wijn?” Ik knikte omdat ik een brok in mijn keel had. Ze schonk een glas koele witte wijn voor me in.
“Ik heb het recept van Victoria, maar er een eigen Emma Petronella twist aangegeven.”
Ik hoorde haar stem en keek naar de salade, het verbaasde me dat ze zo uitgebreid over haar eigen salade wist te vertellen.
Het was lekker, niet alleen vanwege het verhaal er omheen, maar ook door de smaak en het simpele feit dat ik honger had. Maar mijn honger beperkte zich helaas niet tot het verorberen van een maaltijd, er zat ook een hunkering naar liefde in mijn jeugdige gespierde lijf. Zolang Emma Petronella bleef praten, hoefde ik er niet over te beginnen. Ik luisterde, gaf daar waar ik kon af en toe een antwoord, terwijl de ruimte zich bleef vullen met haar verhalen.

Er ontstond een enorme fantasiewereld in mijn hoofd over Emma Petronella, deze fantasiewereld begon zich steeds meer te verplaatsen van mijn hoofd naar mijn hart. Ik raakte gefascineerd door deze vrouw, en deze fascinatie nam enorme vormen aan.
Het was maar goed dat ik die week een rustige week op school had, zodra ze de kans kreeg begon Emma Petronella tegen me te praten. Ze had een brede belangstelling voor literatuur, ze vertelde over de gedichten uit de bundel 'Het zingend hart' van de schrijver Gerard Reve en over de verhalen van de Amerikaanse schrijver James Purdy, ze wist veel te vertellen over de dichters Fernando Pessoa en Arthur Rimbaud. Ze vertelde over de kunst van Giacometti, en over die van de Nederlandse kunstenaar Henk Visch. Ze vertelde over de zanger Bob Dylan, en over de zangeres Billie Holiday en haar liedje Love for sale, ze had het uitgebreid over het lied “a gift“ van de zanger Lou Reed, en over de rocksong “Radar love“ van de Golden Earring. Ze vertelde over l’Arc de Triomphe aan de Champs d’Elysées, en over de De Sacré-Cœur in Monmartre. Ze had eigenlijk overal wel iets over te vertellen, en ik luisterde ademloos naar wat ze te verkondigen had.
Dit was heel iets anders dan hetgeen waarover ik op school aan het leren was, maar door de manier waarop Emma Petronella kon vertellen, hing ik voortdurend aan haar lippen.

Zolang Emma Petronella bleef praten, hoefde ik niets uit te kramen over mijn geheime verlangen naar haar lichaam, haar ziel en haar liefde.
Ik had haar nog niet verklapt dat ik het boek “De mecenas en de kunstverslaafde“ aan het lezen was, en zij had nog niets verteld over haar favoriete schrijver Karel Krampkop.

Er waren drie dagen voorbij gevlogen toen ze weer weg moest voor haar werk. Ze moest twee dagen naar Antwerpen voor een reportage over een bekende kunstenaar. Toen ze wegging gaf ze me trots het recept voor de Emma Petronella salade. Ik hoopte op een kus, maar ze had haast en ze kreeg de rits van haar handtas niet dicht.

De volgende dag alleen:

Het was de zondagmiddag na de verhuizing toen ik met Frits naast me op de bank aan het boek “ De mecenas en de kunstverslaafde” begon. Het verhaal speelde zich af in Parijs, een oude schilder verslaafd aan de rode wijn en aan het schilderen van naakte jonge vrouwen in een erotische pose, kreeg te maken met een afperser, een schurk die hem chanteerde en hem geld en schilderijen aftroggelde in ruil voor zijn zwijgen. Ik zat eigenlijk meteen in het verhaal en las de eerste tien bladzijdes zonder een slok van mijn thee te nemen.

Toen ik dat wel deed, omdat Frits begon te knorren en ik het piepen van een deur hoorde, vroeg ik mij af welke deur er aan het piepen was. Ik had de deur niet eerder gezien, maar aan het einde van de kamer aan de linkerkant bij de ramen was er een deur, die door de tocht was opengegaan met een piepend geluid vanwege de niet gesmeerde scharnieren. Ik was nieuwsgierig. Ik wist niet dat er naast de ruime woonkamer nog een andere kamer was. Ik twijfelde, misschien was het wel de slaapkamer van Emma Petronella, en was het ongepast die tijdens haar afwezigheid binnen te gaan.
Maar ik herinnerde me dat de slaapkamer van Emma Petronella een verdieping hoger was, dus het kon haar slaapkamer niet zijn. Het maakte me nog nieuwsgieriger. Ik twijfelde tussen verder lezen in “ De mecenas en de kunstverslaafde” of een kijkje nemen in de nog onontdekte kamer die achter de deur lag.

Ik bleef een tijdje naar de deur kijken. Frits, de kater, had het in de gaten, plotseling sprong hij van de bank en liep via de openstaande deur de geheimzinnige kamer binnen. Ik had een excuus, en ik kon mijn nieuwsgierigheid niet langer bedwingen. Ik stond op om te kijken waar Frits naar toe was gegaan.
Groot was mijn verbazing toen ik de kamer binnentrad, er was nog een woonkamer, groter dan de woonkamer die ik kende, en aan de muur hingen schilderijen. Ik geneerde me er om er naar te kijken, maar dat was snel over door de fascinatie voor de beeltenissen van gracieuze jonge vrouwen in erotische poses. Ik herkende onmiddellijk mijn hospita en haar vriendin Victoria Martin, op twee van de vijf schilderijen stonden ze samen afgebeeld, geschilderd in dezelfde stijl als die van de oude man in de eetkamer, maar met minder sombere kleuren, met in vitale penseeltoetsen opgebrachte verf.

Daar stond ik met de kater Frits, in een woonkamer waarvan ik het bestaan eerder die dag niet wist, een woonkamer met prachtige schilderijen aan de muur. Ik kon mijn ogen niet van mijn naakte hospita aan de muur afhouden, ze had niet eens een vijgenblad voor haar levenspoes. Frits en ik zagen alle intieme details. Frits begon te knorren. Ik hoorde de deur weer piepen, het was alsof er een geest de extra woonkamer betrad. Een geest die mij iets toefluisterde!

Ik ging weer verder met het lezen van het boek “De mecenas en de kunstverslaafde”
De oude aan rode wijn en schilderen verslaafde Parijse kunstenaar, Ancel Favre, in het boek van de bekende schrijver Karel Krampkop kon zichzelf in leven houden dankzij een schatrijke mecenas die hem geld toeschoof voor spijzen, drank, verf en kwasten. Veel van zijn modellen betaalde de kunstenaar in natura met schilderijen nog nat van de verf. Het waren studies voor het uiteindelijke schilderij, hij gaf ze weg in ruil voor het model zitten in zijn kunstenaarswoning in de wijk Montmartre in het noorden van Parijs. Hij genoot van lokale bekendheid, zijn werk was te vinden in kroegen, kleine winkels, meubelzaken en kantoorgebouwen, maar zijn belangrijkste werk en een deel van zijn inkomsten moest hij afstaan aan een afperser. Het verhaal maakte nog steeds niet duidelijk waarom Ancel Favre werd afgeperst, maar dat maakte het lezen juist spannend. Het kon van alles zijn? Misschien had hij ontucht gepleegd met een van de modellen, of misschien had hij een andere misdaad begaan die het daglicht niet kon verdragen. Ancel Favre schilderde dag en nacht, maar zijn belangrijkste werk moest hij afstaan, en hij kon zichzelf maar nauwelijks in leven houden. De afperser hield hem in een mentale wurggreep.

Ik vond het een boeiend verhaal: “De mecenas en de kunstverslaafde” geschreven door Karel Krampkop. Ik begon te begrijpen waarom Emma Petronella zo gefascineerd was door deze schrijver. Het feit dat zij ook zelf had model gestaan voor een kunstschilder maakte het voor mij extra geheimzinnig en bijzonder. Plotseling had ik veel te vertellen aan Emma Petronella wanneer zij over drie dagen weer thuis zou komen, maar hoe moest ik haar vertellen dat ik haar beeltenis naakt aan de muur had gezien in de andere woonkamer.
Ik had die week geen proefwerken, geen scheikunde of wiskunde en weinig huiswerk, dus ik bleef maar lezen in dat boek van Karel Krampkop. De schoonheid van de modellen werd tot in de details beschreven, mijn bewondering voor mijn hospita en haar favoriete schrijver groeide bij iedere seconde dat ik verder las.

De mecenas was een markante man, hij ondersteunde ook andere kunstenaars en schrijvers en dichters. Hij was een bekende verschijning in Parijs. Hij was getrouwd met een Nederlandse vrouw en hij was rijk geworden door de verkoop van aftershave en eau de toilette.
Zodra ik thuis kwam van school sprong ik op de bank en begon ik verder te lezen in het boek uit de boekenkast van Emma Petronella. Frits kroop tevreden tegen me aan, want hij wist dat ik op tijd voor zijn gekookte visje zorgde.
Uren en dagen vlogen lezend voorbij. Nog een dag en dan zou Emma Petronella weer terugkeren in Utrecht. Ik voelde een soort van onderhuidse spanning ontstaan. Ik wist niet goed hoe ik met de situatie moest omgaan, maar het was Frits die me vertelde dat ik me geen zorgen hoefde te maken, en dat alles vanzelf goed zou komen, hier in dit prachtige herenpand in Utrecht.

Toevoegen aan favorieten

Ingezonden door

Bjarne

Geplaatst op

30-10-2017

Over dit verhaal

Deel 3

Geef uw waardering

Er is 0 keer gestemd.

Social Media

Tags

Gelijkenis Hospita Man Spiegel Vrouw

Reacties op ‘De kater van Emma Petronella’

Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit verhaal, een reactie plaatsen kan hieronder!

Reageren

Ik ga akkoord met de voorwaarden (opent in nieuw venster)

Wilt u direct kunnen reageren zonder elke keer naam en e-mailadres in te voeren? Meld u hier aan voor een account!

Laatste nieuwsberichten

  • 17-10 - 1001KorteVerhalen.nl online!

    In navolging van 1001Gedichten.nl hebben we een nieuwe website opgezet speciaal voor Korte Verhalen. Meld je aan en plaats nu je verhalen.

Bekijk oudere nieuwsberichten »